Recensie

Er is een brute moordenaar aan het werk. Hij vermoordt eerst de moeder en vervolgens krijgt de vader 45 uur om zijn ontvoerde kind op te sporen. Lukt dit niet dan wordt het kind vermoord. Gruwelijk detail: de moordenaar houdt het linkeroog van het kind.

Alexander Zorbach is journalist. Eerder was hij onderhandelaar bij de politie, maar nadat hij een vrouw door het hoofd heeft geschoten, heeft hij noodgedwongen een ander beroep gekozen. Vanuit zijn rol als journalist houdt hij zich bezig met de moordenaar die de ogenverzamelaar genoemd wordt. Hij wordt daarbij geholpen door de gretige stagiair Frank.

Er gebeuren gekke dingen die er zelfs voor zorgen dat Alexander bij een arts belandt en min of meer de hoofdverdachte in de zaak is. Hoe weet hij bijvoorbeeld bijna eerder dan de politie zelf waar een bepaald lichaam ligt?

Alexander weet het ook niet en begint zelf te geloven dat hij gek begint te worden. Er voegt zich nog iemand bij zijn onderzoeksteam. Het is een blinde fysiotherapeute die er zeker van is dat ze de moordenaar in haar praktijk heeft gehad. Zij krijgt bepaalde informatie door wanneer zij mensen aanraakt. Met haar informatie gaan ze aan de slag en hopen zo te voorkomen dat de moordenaar deze keer een tweeling zal vermoorden.

Het vorige boek van Fitzek Het experiment vond ik wat minder, maar met De ogenverzamelaar laat hij zien dat hij het nog in zich heeft om een geweldig spannende thriller te schrijven. Net zoals met de meeste van zijn boeken is wegleggen nauwelijks een optie. Het is in de sneltrein stappen en doorlezen totdat deze op zijn eindbestemming is. En daar heeft Fitzek vaak nog een aardigheidje voor zijn lezers. Zo ook deze keer.

Met een luchtige schrijfstijl creëert Fitzek een bizar en gruwelijk verhaal. In eerste instantie krijg je als lezer misschien nog een beetje het gevoel dat hij het trucje van zijn eerste boek De therapie herhaalt, maar dat is gelukkig niet zo. Het verhaal is origineel al is het motief van de moordenaar een beetje vergezocht. Daarbij moet natuurlijk wel gezegd dat moordenaars meestal niet heel rationeel aan het moorden slaan.

Het verhaal duurt ongeveer 45 uur en de hoofdstukken en paginanummers tellen af naar het moment dat de uren voorbij zijn. Op deze manier voel je als lezer ook de urgentie. Zijn ze op tijd om de twee kinderen te redden? En net zo belangrijk: vinden ze de moordenaar?

Ik heb het al vaker geschreven, maar na dit geweldig boek doe ik het nog een keer: wat is Fitzek toch een begaafde thrillerschrijver. Geen ingewikkelde plots, een verschrikkelijk spannend verhaal, originaliteit en vaak een ‘toetje’ aan het einde. Ik hou ervan.