Recensie

Roman over het leven van Xavier Radek. Hij is de kleinzoon van een SS-er. Hij ziet het als zijn taak om het lijden van de joden te verzachten. Om dat te bereiken wil hij uitzoeken waar hun pijn vandaan komt en ze dan troosten. Hij doet alsof hij zelf joods is om zo in contact te komen met joden.

Zo komt hij in contact met Awromele, die hem helpt met Jiddisch. Ook zorgt Awromele ervoor dat Xavier alsnog besneden wordt. Dit gebeurt bij een oude man en het gaat mis. Door een vreselijke ontsteking verliest Xavier een teelbal. Deze teelbal wordt in het ziekenhuis op sterk water gezet en wordt min of meer de talisman van Xavier. Hij noemt het koning David.

Samen met zijn inmiddels minnaar Awromele vertrekt Xavier naar Amsterdam. Daar komt hij erachter dat Awromele vooral geïnteresseerd is in andere mannen. Doordat hij joods is heeft hij geleerd geen nee te zeggen. Daarom gaat hij met iedere man mee naar huis. Xavier wil zo niet verder leven en stelt voor naar het beloofde land te gaan. Hier zal hij uiteindelijk minister president worden.

Onwerkelijk boek met veel banale seks erin. De verhalen lijnen zijn soms zo bizar, dat ik het niet echt meer leuk vond om te lezen. Het lijkt een klein beetje op de boeken van Herman Brusselmans, maar dan meer een slecht gelukte poging om die schrijfstijl te evenaren. Het thema van het boek is op zich wel leuk gekozen. Maar hoe verder je in het boek komt, des te verder komt het boek van de werkelijkheid te staan en dat vind ik in dit geval jammer.

Naast het leven van Xavier wordt ook zijn moeder belicht. Zij heeft weinig geluk in de liefde en vindt uiteindelijk geluk door automutilatie. Ik vind het geen slecht boek, maar ook weer geen aanrader.